Zoek de stijlfactor
Over de foto van de kersverse regering-Leterme II valt wel meer te vertellen dan wat politieke commentatoren gisteren lieten horen. De redactie van De Standaard Magazine keek met een kritisch oog naar de verzamelde dames en heren politici.
Toegegeven, wat de ministers om het lijf hebben hangen, is geen zaak van staatsbelang, maar het zegt iets over de stijl en de persoonlijkheid waarmee een mens zich door de wereld begeeft. En ook dat is een niet te verwaarlozen gave. Maar wat krijgen we hier te zien? Kon het echt nog saaier? Hebben de heren en dames al ooit van het begrip Mode met grote M gehoord?
Vooral bij de heren heerst de middelmaat. Geen enkel kostuum dat buiten het donkerblauw-, zwart- en grijsspectrum viel. Niets geen prominent imposante krijtstreep met Don Corleone-allures. Nergens een trendkleur à la olijfgroen, petroleumblauw of greige.
Op het eerste gezicht lijkt het pak van Vincent Van Quickenborne de frivole uitzondering op de regel; een lichtgekleurd moltongrijsje als vestimentair buitenbeentje. Maar de combinatie met het lichtblauwe hemd zou het misschien mooi doen op een zwoele zomerdag, voor een grijze novemberochtend miste het wat diepgang. De man scoorde echter wél op een ander vlak. Om zijn nek prijkte immers die Ene Das die de hele ploeg redde van de schaamtedood. Een das-met-roosje van Paul Smith, zowaar. Gekregen van geliefde Anouk en assorti met de paarse veters in zijn schoenen, zo leren we uit de coulissen.
Ook Michel Daerden zorgde voor een lichtpuntje in de zee van middelmatige streepjesdassen, met een exemplaar dat iets weg had van de met lavendel gevulde zakjes die je op Provençaalse markten vindt.
De prijs voor de mooiste pakkenman ging echter naar Charles Michel. Hij leverde het bewijs dat sober niet saai hoeft te zijn. De man heeft duidelijk de details bestudeerd. Alleen al de manier waarop zijn manchettenpolsen uit zijn kostuummouw komen, deed ons een traan van ontroering wegpinken. Das, pak en bril vormden één mooi geheel, en het pak zelf was klassiek, maar toch behept met een rock ‘n rollfactor. Zijn hemd lijkt ook witter dan dat van de anderen, en de stof is ouderwets degelijk, je voelt ze bijna kraken door de foto heen.
Want dat een hemd nooit zomaar een hemd is, bleek ook uit de foto. Het lijkt wel alsof de heren collectief besloten hebben om een kleine grunge-touch in te voeren. Waarom zien we anders zo veel scheefgetrokken, verkreukelde en fout zittende hemden? Yves Leterme lijkt zowaar een hele kreukelbult onder dat kostuumjasje mee te zeulen.
En dat het ene pak het andere niet is, ook dat leren we uit de foto’s. Neem nu dat van Etienne Schouppe. De jaren tachtig mogen dan wel weer aan zet zijn, de immense schoudervullingen en het oversized karakter van zijn kostuumvest zijn er misschien toch ietsje over. Even nostalgisch oogt de dubbele knopenrij van Guy Vanhengel. Het heeft iets stoers, dat wel. Zijn kleermaker heeft overigens wel meer zondes begaan. Tegen het oergebod nota bene: kort nooit zomaar een broek in, want de natuurlijke schwung van de broekspijp gaat er genadeloos door de mist in.
De dames dan. Dat laarzen onder een jurk of rok de beste remedie zijn tegen de tuttige tante-look hebben ook Joëlle Milquet, Inge Vervotte en Sabine Laruelle begrepen. Maar eerlijk, er zit niet één paar laarzen bij dat een memorabele voetafdruk achterlaat. Milquet lijkt te zwemmen in de hare, en die van Vervotte voegen net de foute kleurschakering toe aan de rest van haar outfit. Laruelle wil met haar stoere stappers dan weer duidelijk het nodige tegengewicht bieden voor haar iets te oma-achtige blauwgesteven jasje, waarover elk verder commentaar overbodig is.
Qua rare combinaties scoren zowel Milquet als Laurette Onkelinx. Moeilijk in te beelden dat iemand de ochtend voor een toch niet onbelangrijke werkdag voor de kleerkast staat en ineens het lumineuze idee krijgt om een safarikleurige band rond haar taille te binden en die nog eens af te werken met een zwart paasei-lintje. Jammer ook van die kousen. Transparante zwarte nylons moeten van onberispelijke kwaliteit zijn willen ze door de beugel kunnen, en dat is hier niet het geval. Eén woord, Laurette: Blikdicht. Of Opaque.
Geen woord van kritiek echter op de basislaag van Joëlle Milquet. Een zwart jurkje is altijd goed, dat verkondigen de stijlgoeroes al jaren. Maar waarom het niet een halve centimeter langer kon, vragen wij ons dan af. Dan zouden ook de laarzen beter in het plaatje gepast hebben. En waarom in godsnaam die zomerse vlekkensjaal en dat net iets te ruime jasje?
Resten ons nog de jurk van Inge Vervotte en de outfit van Annemie Turtelboom. Met die eerste is niets mis, maar een hoog waw-gehalte heeft ie evenmin. Braaf, ja, en schattig. Hoeft het nog gezegd? Het blijft zonde, geen andere minister die zoveel voor de mode zou kunnen doen als Vervotte. Haar mogen restylen blijft de natte droom van elk modeblad. Stop haar in een leren legging van Haider Ackermann, een wit-zwart pak van Ann Demeulemeester of een grappige retrojurk van Marc Jacobs, fleur op met een handvol accessoires van Christophe Coppens, laat er een make-upartiest op los en minister-kijken wordt er een heel pak leuker door.
Gelukkig is er nog Annemie Turtelboom, als notoire adept van de Belgische mode. Het hemd en de riem die ze op deze foto draagt, zijn van Margiela. Ze kocht het na een reportage in De Standaard Magazine waarin ze uitgedaagd werd om eens iets anders dan zwart te kopen. Het werd wit. En het is mooi.
bron: De Standaard, 27 november 2009