Slotspeech Studiedag Nationale Raad voor Coöperaties
Het doet me veel plezier dat ik u hier vandaag mag toespreken. Als minister voor Economie wordt mij sinds september 2008 zowat overal gevraagd hoe we de crisis gaan oplossen. Hier kan ik zelf nog iets bijleren. Jullie, de coöperatieve vennootschappen, zijn immers deel van de oplossing.
Uit een recente studie van de internationale arbeidersorganisatie, “Resilience of the Cooperative Business Model in Times of Crisis”, blijkt dat coöperaties in het algemeen goed stand hebben gehouden tijdens de crisis.
- Coöperaties zijn minder afhankelijk van bankkredieten, en daardoor stabieler.
- Coöperaties die maatschappelijk verantwoord bankieren hebben de kredietverschaffing niet moeten terugschroeven.
Dit seminarie bewijst dat jullie ‘Good Practices’ hoog in het vaandel dragen, wat op zich al een uitstekende buffer is tegen externe economische problemen, zeker als die het gevolg zijn van ‘malpractices’, van slechte handelspraktijken.
En jullie zijn ook met velen. Volgens de laatste telling bijna 40.000 coöperatieve vennootschappen. Alleen al de erkende coöperaties hebben meer dan 2 miljoen vennoten.
Jullie spelen met andere woorden een cruciale rol in de economie. Zonder coöperaties kunnen de boeren geen landbouwmachines kopen. Zonder coöperaties zou er geen efficiënte gezondheidszorg zijn, geen huisvesting, geen kapitaal voor risicovolle microactiviteiten op het vlak van milieu, verantwoord toerisme en sociaal bankieren.
Sommige mensen hebben een stoffig beeld van coöperaties. Het zouden louter verlengstukken zijn van politieke of maatschappelijke projecten. Ik weet dat jullie wel degelijk een eigen, eigentijdse koers varen. Jullie richten eigen commissies op om wetgeving, communicatie en business praktijken bij te schaven. Jullie kijken over de grenzen, naar Cooperatives Europe of de International Raiffeisen Union.
U hoort het: ik geloof sterk in de positieve rol van coöperaties in onze maatschappij. Als minister probeer ik het coöperatief ondernemen op alle mogelijke manieren te ondersteunen. Door de regels te vereenvoudigen bijvoorbeeld, een ambitie die als een rode draad door mijn politieke carrière loopt. Hopelijk kunnen we de door de NRC uitgewerkte, sterk vereenvoudigde regelgeving zo snel mogelijk in wet omzetten.
Maar de coöperaties genieten natuurlijk ook van de vele andere maatregelen die de regering heeft getroffen om de crisis te bestrijden. En die strijd is nog lang niet gestreden.
Ja, sommige indicatoren wijzen op beterschap. Meer consumentenvertrouwen. De economische terugval die langzaam ombuigt in nulgroei. De kredietverlening die weer op gang komt. Het zijn groene scheuten die hopelijk een nieuwe economische lente aankondigen.
Maar ik kom ook dagelijks over de vloer bij ondernemers, en die leven voorlopig nog in een andere realiteit. In hun wereld draaien de banken de kredietkraan nog altijd maar mondjesmaat open. Betalen klanten hun facturen steeds later, en sommigen helemaal niet. Trekt de export nog niet aan zoals het hoort. Om nog maar te zwijgen van de druk op de tewerkstelling.
Vandaar de noodzaak om bepaalde maatregelen van het relanceplan in België ook in 2010 verder te zetten, zoals de tijdelijke werkloosheid voor bedienden en de BTW verlaging voor de bouw. Of om structurele nieuwe maatregelen te nemen voor een zeer arbeidsintensieve en kwetsbare sector zoals de horeca.
Met moedige vastheid, maar toch ook met de standvastige ambitie om weer uit het dal omhoog te klimmen. Nu de internationale economie zich voorzichtig lijkt te herstellen, zit België dank zij het Relanceplan zeker niet achteraan in het peloton.
Uiteraard zijn wij als klein land in grote mate afhankelijk van de internationale ontwikkelingen. Maar het heeft weinig zin passief te wachten op een herstel van de Amerikaanse economie of de stijging van de koopkracht van de Chinese consument. We moeten in de eerste plaats zelf de handen uit de mouwen steken.
Onze economie moet fitter worden, en groener, en slimmer.
Aan dit fitheid wordt volop gewerkt. Weet u dat er maar weinig landen in de wereld zijn waar zoveel mensen voor de overheid werken? Liefst 33% meer dan het wereldwijde gemiddelde, 3 ambtenaren per 100 inwoners. Hier zijn dat er vier.
De federale regering heeft intussen besloten dat er binnen 10 jaar ongeveer 20% minder ambtenaren zullen zijn, via een politiek van selectieve vervanging. Bepaalde jobs worden overbodig door informatisering, maar elders zijn nieuwe specialisten nodig, zoals in de strijd tegen de fiscale fraude. Een betere dienstverlening, met minder maar beter gemotiveerde en omkaderde medewerkers, daar gaan we voor.
Groener: ik pleit voor een doorgevoerde eco-fiscaliteit. De vervuiler betaalt. En ook voor ondersteuning van ‘clean technology’: elektrische wagens met oplaadpunten, low energy woningen, verbeterde isolatie. De eerste stappen werden gezet in de begroting voor 2010-2011. In de omslag naar een groene economie speelt de coöperatieve sector ten andere een cruciale rol. Zoals bijvoorbeeld door de erkende coöperatieve vennootschap Ecopower die, dankzij zijn meer dan 15.000 coöperanten, projecten van duurzame energie financiert (voornamelijk windturbines) en over de laatste 10 jaar een indrukwekkende groei kende.
Slimmer: in het Digitaal Plan dat ik eind september heb voorgesteld, staan enkele heel concrete doelstellingen. Tegen 2015 zal 90% van de Belgische gezinnen aangesloten zijn op breedband. Minstens 1 op 2 schoolkinderen zal tegen dan een computer of netbook hebben. De helft van de mensen zal mobiel kunnen surfen. De helft van alle facturen zal elektronisch betaald worden. 1 op 4 werknemers zal regelmatig telewerken.
Het is voor u geen nieuws dat de coöperatieve sector voor mij een belangrijke bondgenoot is in de strijd tegen de digitale kloof. Zo ondersteunt Cera bijvoorbeeld het project Digitaal onder Dak die via lokale projecten ervoor zorgt dat de zogenaamde “digibeten” hun weg vinden op de informatiesnelweg.
Ambitieuze plannen dus.
Ik heb de crisis echter van meet af aan beschouwd als een grote uitdaging: “Adembenemende opportuniteiten vermomd als onoplosbare problemen” . Een moment ook om een stijlbreuk door te voeren. Om de omslag te maken naar een duurzame en groene economie.
De voorbeelden die ik heb aangehaald tonen aan dat de erkende coöperaties en de Nationale Raad heel wat know-how opgebouwd op dit gebied en dus de rol kunnen spelen van wegbereiders. Samen op weg naar een groener, fitter en slimmer België.